In deze tijd van COVID, waarin veel kinderen angstig en onzeker zijn is het Vriendenprogramma een effectieve interventie voor kinderen en jongeren om te werken aan een growth mindset, piekeren en angsten de baas te worden, weerbaarder te worden, stress en spanningen aan te pakken en emotionele veerkracht op te bouwen.

Wat is het Vriendenprogramma

Het ‘Vriendenprogramma’ is een training voor kinderen tussen de 5-12 jaar. Het programma leert kinderen over hoe ze hun emoties en gevoelens kunnen reguleren, wat ze het kunnen voelen in hun lichaam, hoe ze kunnen ontspannen, hoe ze helpende gedachtes kunnen inzetten en ze zichzelf belonen. Kinderen gaan aan de slag met hun lichaam, gedachtes en gedrag.

Het programma is erkend door de World Health organisation en door het Nederlands Jeugd instituut als effectief  preventief programma.

Het programma versterkt het zelfvertrouwen, ondersteunt bij het angsten de baas worden, verbetert de weerbaarheid en zorgt voor algehele betere emotionele veerkracht om om te gaan met de uitdagende momenten in het leven. geeft handvatten zodat kinderen in de toekomst beter is uitgerust om uitdagingen aan te kunnen, leert kinderen om angsten de baas te worden en stress en piekeren te verminderen.

Opbouw van de training

 Het vriendenprogramma neemt de kinderen aan de hand van de letters VRIENDEN mee op reis om te leren hun gedrag, gedachten en lichamelijke reacties beter te leren kennen en aan te pakken.

Ze leren tevens om vrienden te zijn met  zichzelf.

De letters staan voor het volgende:
Voel je gevoelens: Leren (her)kennen van gevoelens bij zichzelf en bij anderen. Woorden leren geven aan wat ze voelen en hun lichaamsseintje te leren herkennen bij gevoelens van angst, spanning, stress, boosheid, verdriet, blij zijn.

Rust en ontspan: Leren hoe ze diverse methodes in kunnen zetten om zichzelf weer tot rust te krijgen als gevoelens de overhand nemen. Kinderen leren hierbij ook te onderzoeken wat voor hen goed werkt om te ontspannen en stress/spanningen zo rustiger te maken.

Ik kan het, ik kan het zo goed mogelijk proberen: Het verschil leren tussen gedachten en gevoelens en hoe gedachten invloed hebben op deze gevoelens. De kinderen leren om de niet-helpende gedachten om te zetten in helpende gedachten waardoor ze zich beter gaan voelen. Tevens leren ze dat ze zelf kunnen kiezen waar ze de aandacht op vestigen: “wat aandacht krijgt groeit”.

Een stappenplan: Je hoeft iets dat je lastig of spannend vindt niet in 1 keer te doen. Juist door het op te delen in kleinere stappen, hierbij de ontspanningsoefeningen te gebruiken en de helpende gedachten in te zetten kan je leren om het rustig en in kleine stapjes aan te gaan. Tevens leren de kinderen dat er verschillende oplossingen kunnen zijn voor een probleem: oplossingsgericht denken.

Naasten: Wie staat er om jou heen als steunteam? Kinderen leren na te denken over wie hun steunfiguren (kunnen) zijn, wat ze belangrijk vinden in vriendschappen, hoe ze zelf een goede vriend kunnen zijn en ze leren nadenken over wie hun rolmodel is van wie ze kunnen leren.

Doe je oefeningen: Het leren toepassen van het geleerde in diverse situaties.

EN ontspan: herhaling en een positieve afsluiting.

Bij het programma horen werkboeken, waar de kinderen zelf oefeningen in kunnen maken.